Super sub

Een scherp fluitsignaal haalt me terug naar het hier’nu’maals. Wie had dat nou verwacht? Jarenlang als super sub wachten op de reservebank. Geconcentreerd, soms coachend, soms zwijgend maar altijd aanwezig. Net als ik een jointje aan steek… ruim in blessuretijd… moet ik aantreden. Topfit ben ik niet meer maar tegensputteren is zinloos. De reservebank is op mij na leeg en het publiek al naar huis. MIJN kans om te schitteren. Hét moment… Er is geen tijd om een afweging te maken. Achteraf zie ik dat de afweging zwaarder zou zijn geweest dan het onvermijdelijke resultaat.

Na veertien vage jaren heb weer één van mn meiden onder mn vleugels. Mn hele leven staat op zn kop. Alle vrijheden waarvoor ik heb gevochten ‘down the drain’. Het leventje dat ik met meer vallen dan opstaan heb opgebouwd staat op losse schroeven.

Eten wanneer ik honger heb, slapen als ik niet anders kan… geld uitgeven tot het op is en bloot door mn eigen huis lopen… Het kan niet meer. Hulp of tijd aanbieden aan mensen die het nodig hebben of een nacht slapen onder de brug… doordraaien als alles begint te draaien of weg kruipen tot alle boze geesten verveeld huiswaarts zijn gekeerd… verleden tijd. Leven zonder agenda of klok… de lange lijst met onzekere zekerheden vervaagt.

In sneltreinvaart moet ik in mezelf opzoek naar allerlei normen en waarden die met het late vaderschap gepaard gaan. Zo blijft Pien nachten weg en komt ze thuis terwijl ze weg zou blijven. Ze heeft een vriendje, gaat naar school, werkt en heeft duizend dromen te realiseren. Alles duizelt me. Ik ben weer papa mét dochter!

In mijn huisje is maar één slaapkamer en daar woont ze nu. Ik slaap op de bank. Dat deed ik de laatste vijf jaar al maar nu moet ik. Dat is toch anders. Mn kleren heb ik opgeborgen in een koffer in de keuken en mn berging is tot de nok toe gevuld met het korte leventje dat ze tot nu toe voor zichzelf heeft opgebouwd. De deur kan nog net open.

Pien weer onder mn vleugels. Gehavende vleugels, dat wel. Enkele belangrijke slagpennen ontbreken en echt getraind zijn mn vlerken niet meer. Toch is er geen tijd voor twijfel en… omdat de rui nog maanden op zich laat wachten stijg ik onzeker op. Een vliegende start.

Pien en ik zijn alle twee een beetje onzeker en we hebben er even over gepraat. Ik vind het zo knap dat ze niet over mijn zwaktes of krachten… mijn zekerheden en onzekerheden spreekt maar over die van haar. Net als ik het woord wil nemen, geeft ze me een kus en zegt: “Ik moet gaan pap… ik ben al te laat!” Vol met fijne dingen om te zeggen blijf ik achter… Zou ze snappen dat…?

Terwijl ze wat spullen bij elkaar zoekt, haar jas aantrekt en haar tas snel inspecteert, grijpt ze de sleutels van het haakje en snelt de trappen af. Uit mn raam zie ik hoe ze op de bus staat te wachten. Ze is zo druk met haar smartphone dat ze me niet ziet staan… Ik pak de mijne en typ: “Ik ben blij dat je een tijdje bij me woont… en ik denk dat later zal blijken hoe blij. Ik hou van jou! Ik heb als papa tot nu toe niet echt iets structureel kunnen bijdragen… er niet ‘altijd’ voor je kunnen zijn… maar nu ben ik er ♥…”

Nog voor ze de bus instapt ontvangt ze mn bericht en ik zie dr van hieraf stralen. Ze kijkt even omhoog en ziet me staan, zwaait en stapt in de bus.

Het is weer stil in huis. Met een glimlach en een warm gevoel begin ik op te ruimen. Ik zet een wasje aan en maak een boodschappenlijstje. Ik ruim haar kamertje op en zet even alle ramen tegen elkaar open. Gedachten over de huishoudbeurs druk ik gewelddadig de kop in.

Net als ik even op de bank ga liggen, krijg ik een berichtje op mn telefoon. Met één oog open lees ik: “Ik ben ook blij dat ik bij jou mag wonen papa en ik ben blij dat je er altijd geweest bent voor ons! Ik hou ook van jou…”

Zucht… Dit is het moment om te schitteren. HET moment van…                                                    Mar10

 

 

Grote drama’s, kleine drama’s

logo mar10

Met een diepe zucht sta ik op. Ik geef me gewonnen en kleed me aan na uren draaien en rollebollen met mn onrust. Mn hoofd houdt zn kop niet en de slaap kan me niet te pakken krijgen. “Dan niet…” zeg ik en dat voelt meteen beter. Ik kan mezelf alleen verslaan door los te laten.

“Slapen is voor oude mensen” mompel ik terwijl de spiegel toont hoe ik mn haren op een staart doe… Het lijkt alsof mn gezicht wat meer tijd nodig heeft om wakker te worden. Mn spiegelbeeld kijkt op me neer en bouwt spanning op voor zn preek. Voor het zover is, draai ik me om en zeg: “… te laat!”

— lees hier verder a.u.b. — Grote drama’s, kleine drama’s

Beste wensen

logo mar10

Januari is voorbij en ik ben aan de voorjaarsschoonmaak begonnen. Je zou kunnen zeggen: “nou nou… ijverige kerel hoor… de voorjaarsschoonmaak in februari…” maar dan zou je een vergissing maken. Dit is de voorjaarsschoonmaak van vorig jaar. Vorig jaar eindigde de schoonmaak nog voor ie begon en dit jaar…

Meestal ben ik niet zo bezig met het aan kant houden van mn huis. Het ergste vuil haal ik weg en als mn meiden komen ruim ik ook nog op. Ik doe de was trouw en ik slaap graag onder schone dekens. Mn toilet hoort bij de schoonste van de Maaspoort. Toch… stiekem hoopt er hier of daar wel eens wat op… mn uitzicht is bruiner

— lees hier verder a.u.b. — Beste wensen

Appels met participeren vergelijken

logo mar10

Ik heb de neiging om hardop te zeggen dat tweeduizend veertien een jaar is om snel te vergeten maar ik weet beter. Dit jaar is er veel met me gebeurd. Veel onvergetelijke dingen… Er is geen tijd meer om de kleur van het oude jaar te veranderen, om fouten herstellen of behaalde successen te herbeleven. Voor nu laat ik het voor wat het is want nu stemt het me verdrietig. Misschien dat nieuwe adem in het komende jaar mijn zicht op zn voorganger verzacht… zoals altijd.

Tweeduizendvijftien begint meteen heftig. Op Eén januari treedt de Participatiewet in werking. Ik heb erover gelezen en mensen over horen praten. Hier en daar heb ik discussies opgevangen en

— lees hier verder a.u.b. — Appels met participeren vergelijken

Mensen

logo mar10

“Ik ben niet boos op mensen…” zegt Mira zonder me aan te kijken. Ze tekent met een oogpotloodje een zonnetje op mn hand. “…Ik hou van ze! Elke dag zoek ik een plekje in de stad om me even mens tussen mensen te voelen. Ik hou niet van één mens of van een groep… ik hou van álle mensen!” zegt ze en ze maakt een groots gebaar met haar armen. “Alleen…” zegt ze en ze stopt.  Ze kijkt om zich heen en begint te huilen. Heel zachtjes. Haar gezicht vertrekt nauwelijks maar haar ogen lopen vol. Net als ik denk dat tranen uitblijven, ontsnapt er één. Nu zie ik pas echt hoe jong ze nog

— lees hier verder a.u.b. — Mensen

Spinnen

logo mar10

Een douche heeft haar goed gedaan. Dampend staat ze voor me en haar tranen zijn verdwenen. Ze geeft me een kus, gaat naast me op de bank zitten en neemt een slokje van dr witte wijn on the rocks. Even stribbelt ze tegen maar dan legt ze dr hoofd in mijn schoot en valt ze in slaap. Ik maak zachtjes krulletjes in dr haar. Ze lijkt wel te spinnen…

Vanochtend om half vijf stond ze onaangekondigd voor mn deur. Zonder na te denken of kleren loop ik mn balkon op en fluister:” Wie is daar?” Ze zet een stap achteruit zodat ze me ziet en zegt niets. “Oei!” kan ik nog uitbrengen en ik maak

— lees hier verder a.u.b. — Spinnen

Normaal gesproken kansloos…

logo mar10

Zo dichtbij en toch onbereikbaar. Midden op de brug tussen het station en de stad zit ze op de grond. Ze kijkt vrolijk rond en merkt de drukte om zich heen niet op. De nachtploeg loopt aan de ene kant van de brug op huis aan en aan deze kant dienen vers geschoren, geplukte en geschminkte werkers zich aan. Op geen van deze mensen is iets aan te merken. Het zijn één voor één unieke, mooie mensen maar ze hebben geen tijd om dat zelf te zien. Willoos offeren ze zich op als werkmieren voor een Koningin. Ze leven. Planten zich voort … en sterven.

De mevrouw op de brug draait haar hoofd mijn kant

— lees hier verder a.u.b. — Normaal gesproken kansloos…

ik stop (voorlopig) met schrijven

ik kan woorden in het donker niet van elkaar onderscheiden

Koetjes en kalfjes

logo mar10

Met mn voeten in een kolk onder de rook van Oud Empel, lig ik op mn rug en kijk naar de wolken. Ik ben hier bijna elke dag. Hemelsbreed is het minder dan één kilometer van mn huisje. Het is hier prachtig… prachtig en stil. Als er in Nederland al sprake is van natuur dan zit ik er midden in. Ik ga even rechtop zitten om een shagje te draaien en op enkele meters afstand van mij zit een vos. Hij schrikt en schiet het hoge gras in. In de verte loopt een kudde blonde koeien te grazen. Een paar koeien zien me en beginnen te rennen. De rest volgt direct want in een kudde

— lees hier verder a.u.b. — Koetjes en kalfjes

Stelling van Lot

 “… je kunt het Lot niet ontlopen” zegt ie stellig en dan valt het gesprek stil. We zitten met gesloten ogen op een muurtje en zoeken minutieus naar het zonnigste plekje. Hij zoekt warmte, ik licht. In een poging zn stelling van Lot om de tuin te leiden zeg ik “… natuurlijk kan dat wel. Het Lot speelt vals. Net als je denkt dat je het Lot aanvaard hebt, blijkt jouw Lot te bestaan uit het ontlopen ervan. Als ik ook mag vals spelen… win ik!” Hij gaat rechtop zitten, kijkt me aan en zegt: “Wat kun jij de dingen toch mooi zeggen…”. Hij maakt me vrolijk. Aangemoedigd ga ik door: “Als ik vanochtend wist

— lees hier verder a.u.b. — Stelling van Lot